Grasgroene heuvels en schattige dorpjes met donkerstenen kerken. Kleine kuststadjes aan goudgele stranden met metershoge golven. Schuimloos bier en afternoon tea... Dit moet Engeland zijn. En meer bepaald Dorset, in het schilderachtige zuidwesten. Minder bekend dan grote broer Sommerset, maar daar zou in de aanloop naar de Olympische Spelen van 2012 wel eens verandering in kunnen komen. Het lieflijke Dorset met zijn vele gezichten beschikt immers over alle troeven om het de toeristische meerwaardezoeker naar zijn zin te maken.
Er zijn zo van die landen die niet meteen bij je opkomen, als je nadenkt over je volgende vakantiebestemming. Groot-Brittannië is daar een van: Londen, ja, daar is iedereen wel een keer geweest, maar verder kampt het UK met nogal wat vooroordelen bij het grote publiek. Het zou er altijd regenen en het eten zou er ondermaats zijn, om maar de twee hardnekkigste te noemen. Dat vroeg om een 'reality check', dus zette Genieten - op de tonen van 'Britpop band' Franz Ferdinand - koers naar Calais en stapte op de ferry naar Dover.
Na een voorspoedige overtocht (het vakantiegevoel begint zodra je de boot oprijdt) wacht er nog een fikse rit westwaarts. Eerste stop: New Forest, ondanks zijn naam een van de oudste eikenbossen van Engeland. Het uitgestrekte woud bestaat al sinds de elfde eeuw, toen Willem de Veroveraar het gebied claimde om er op herten te kunnen jagen. Een hobby die hem uiteindelijk het leven zou kosten, want hij kwam om het leven tijdens een jachtongeval. Vandaag staat dit beschermde natuurgebied bekend om zijn wilde pony's die gewoon vrij rondlopen en bij wijze van spreken uit je hand zouden eten. Niet dat je ze mag voederen, maar de dieren zijn totaal niet schichtig, het is dan ook uitkijken geblazen met je auto.
Tegen de avond word ik verwacht in Christchurch, een klein en gezellig stadje aan het water, op de kruising van de Avon en de Stour. Natuurlijk is er een kleine haven waar je boten kunt huren en tochtjes kunt boeken. Het kuststadje kan prat gaan op de langste kerk van Engeland: donkergrijze stenen die met de minuut van kleur lijken te veranderen, omringd door eeuwenoude, schots en scheve grafzerken. "De windhaan op de toren was een teken voor smokkelaars", aldus mijn praatgrage gids Loraine. "Vanwaar de wind komt, kun je er niet meteen aan afleiden." Ik geloof haar op haar woord, terwijl we rondlopen op het jaarlijkse Food & Wine Festival: eten en drinken uit de hele wereld, met uiteraard veel aandacht voor de plaatselijke producten. Het aanbod is gevarieerd en aanlokkelijk. Loraine wijst de ene gastronomische pub na de andere aan: hier kom je voor home cooked food van niveau. Wie beweerde daar dat Engelsen niet kunnen koken? Ze eten in elk geval veel, bedenk ik, als ik 's avonds in het hotel-restaurant aanschuif. Hele families vieren er in een drukte van jewelste zaterdagavond, onder het genot van enorme borden gegrild vlees.
Net Brideshead
Dag twee beginnen we in de naburige Exbury Gardens die naar verluidt behoren tot de mooiste tuinen van Engeland. En ze doen hun reputatie eer aan: azalea's, camelia's en rododendrons proberen elkaar in geuren en kleuren de loef af te steken. Dit is een geweldige plek om een boek te lezen of te picknicken. Maar veel tijd om te luieren is er niet, want ik word verwacht in Kingston Lacey, een van de architecturale pronkstukken van de streek. Het mooie landhuis dat zo weggelopen lijkt uit een Engelse televisieserie, ligt in een indrukwekkend en piekfijn onderhouden park. Het landgoed werd 'besteld' werd door Sir Ralph Banks die na zijn 'Grand Tour' een 'palazzo' liet neerplanten. Ik vergaap me aan de enorme bibliotheek en moet lachen als ik de anekdotes lees die in de 'Servants Hall' aan de muur hangen. Zo was de butler blijkbaar een goede raadsman voor de kinderen en verdiende de kokkin naar verluidt meer dan het kindermeisje. Het werpt een ander licht op het gebruikelijke beeld van de hiërarchie binnen het Engelse huispersoneel.
Onderweg naar Dorchester, op een van de typische smalle en met heggen afgeboorde weggetjes, stoot ik op een bord met 'Beware of Elderly People'. Ik denk eerst aan een grap, maar het bord is echt, dus ik vertraag, op mijn hoede voor kwieke senioren, maar ik ontdek er geen een, zelfs niet in het naburige Wimborne, bekend vanwege zijn 'chained library' die boeken bevat boeken uit de begindagen van de boekdrukkunst.
En dan is het tijd voor een 'pint'. Ik drink ze op het terras van de Hambro Arms, de dorpspub van Milton Abbas, volgens mijn roadbook het vaakst gefotografeerde dorpje van Engeland. De huisjes met hun rieten daken zijn inderdaad prachtig, de sfeer is gemoedelijk en de zon schijnt nog steeds. Maar het bier valt me tegen.
Abdijen en kerken
Vervolgens zak ik af naar Dorchester, de stad van schrijver Thomas Hardy. Mijn slaapplek die avond is precies zoals je denkt dat een B&B moet zijn, in een hoog hoekhuis, omringd door bloemen en bomen. Ik krijg de mooiste kamer, met een erker en statige stoelen, ideaal voor een versgezette kop thee (what else?) en een gemberkoekje. Beneden verbroeder ik later op de avond met de andere gasten, een Australisch stel dat op zoek is naar de roots van mijnheer wiens voorvaderen uit Exeter blijken te komen. In de pub aan de overkant eet ik jacked potatoes met cheddar - met uitzicht op de darts en de tatoeages van de plaatselijke mannen - en bestel een Stella, een heel verschil met de flauwe Foster van 's middags. Hoewel de jongen achter de bar duidelijk niet weet wat een schuimkraag is.
De volgende ochtend maak ik kennis met de emblematische reus van Cerne Abbas, een vreemdsoortig 'kunstwerk' in het gras van de heuvels. Het zou een vruchtbaarheidssymbool uit de Romeinse tijd zijn. Dit is een prima gebied om te wandelen en ook het gelijknamige dorpje loont de moeite. Maar waarom heten alle pubs hier The Royal Oak? Ik telde er ondertussen al minstens vijf.
In Sherborne, een statig stadje met een reusachtige kerk en geelbruine huizen die getuigen van een rijk verleden, lonkt de geanimeerde High Street. Ze bulkt van de leuke winkeltjes, cafés en pubs. Waar elders ter wereld vind je een etalage met alle benodigdheden om cupcakes in de nationale kleuren te vervaardigen? Toch een bijzonder volkje, die Britten. In het godvergeten Beaminster waar ik even verder stop voor een drankje, lijkt de voltallige bevolking lijkt minstens 65. Vandaar dat vreemde verkeersbord van de vorige dag? In elk geval serveert de pub een 'senior citizen menu' voor de luttele prijs van vijf pond.
De zee!
De weg slingert verder, heuvel op heuvel af. En dan opeens duikt de zee op: een beeld om nooit te vergeten. Het contrast tussen de stralend blauwe hemel, de felgroene heuvels en de schuimende golven is van een tot dusver zelden ervaren woeste charme. Voer voor de Nikon. En het wordt nog mooier als ik Chesil Beach nader. 29 kilometer goudbruine keitjes, vereeuwigd in het beklijvende boek van de Britse schrijver Ian McEwan die een heuse rel ontketende toen hij bekende dat hij een steentje mee naar huis had genomen. De enige manier om de gemoederen te bedaren was de man zover krijgen dat hij het ontvreemde keitje officieel en onder de nodige media-aandacht weer terugbracht. Dit strand is immers beschermd gebied. En terecht, want het is kwetsbaar. De kustlijn verschuift vijf meter per eeuw en de keitjes variëren naargelang de plek waar ze liggen. In een ver verleden wisten de smokkelaars(zij alweer!) precies waar ze aan land waren gegaan naargelang het formaat van de keien. Vandaag is het eindeloze strand vooral een zalige plek om uit te waaien. Mannen staan te vissen in de hoge golven, mensen barbecuen achter een windscherm. Want echt warm is het niet, ondanks de stralend blauwe lucht.
In het naburige Abbotsbury spot ik een leuk theehuis met een prachtige tuin, de Abbotsbury Tearooms B&B; ik neem ik een 'squash' - fruitstap aangelengd met water - met een Dorset platter: Gammon ham, Blue Vinny cheese, chutney en pickels. En dan is het tijd voor de Swannery, een unicum in de streek. Ergens tussen land en zee, in een uitgestrekt natuurpark verblijven meer dan 600 zwanen in alle vrijheid. Enorme beesten zijn het als ze opstaan uit hun nest en hun vleugels uitklappen.
Barcelona achterna
In Weymouth, mijn laatste stek op deze reis, logeer ik in het ouderwets gezellige Eastney Hotel (waar, zo zal de volgende ochtend blijken, een stevig no nonsens Engels ontbijt geserveerd wordt). Het ligt in de buitenwijken van de stad en kijkt uit op een glimp van de zee. Op het terras maak ik kennis met de voorkomende Harry en Bob uit Birmingham. Vader en zoon, denk ik, maar neen, ze zijn vrienden, al veertig jaar, en elk jaar trekken ze er samen een paar dagen op uit. Harry is 86 en heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog gevochten in Hoboken, en daarna in Frankrijk. Hij was ook in Libanon gelegerd en vertelt over Shangri-La, de plaats van de eeuwige jeugd. Die heeft hij blijkbaar gevonden, want gezwind neemt hij de dertig jaar jongere Bob op sleeptouw voor het avondeten.
Het stadje bevalt me: er hangt een gezellige drukte, met het haventje en de vele hotels en restaurants. 's Zomers is er een geanimeerd activiteitenprogramma en elk jaar in juli wordt een heus festival georganiseerd, 'The Spirit of the Sea'. De omgeving is prachtig. Hier worden de Olympische Spelen van 2012 gehouden, alle wedstrijden die iets met watersporten te maken hebben zullen in Weymouth en Portland plaatsvinden. "Het is de eerste keer dat er Olympische Spelen in een Unesco erfgoed doorgaan", aldus mijn sympathieke gids Jacqui. "Geen toeval, want de baai is een perfecte plek voor zeilers, ook voor beginners trouwens. Je vindt hier alle infrastructuur voor watersporten (zeilen, kitesurfen, duiken, enzovoort) en ook de toeristische voorzieningen zijn ruim aanwezig, voor elk budget, ook voor kampeerders en fietsers. Wie op zoek is naar een actieve doe-vakantie, kan nergens beter terecht. Alles is er. En slecht weer bestaat niet, zoals ze hier zeggen, soms heb je enkel de verkeerde kleren aan", besluit Jacqui terwijl we samen met haar goedlachse man plaatsnemen voor mijn laatste avondmaal. Dat nemen we in The Cove House Inn, een karakteristieke pub op het strand. Ik eet frisse Portland crab, tussen een gemengd publiek van jong en oud, locals en toeristen broederlijk door elkaar. Buiten gaat de zon stilaan onder, in een orgie van grillige strepen. Een pril stelletje klinkt vrolijk met twee flesjes bier. Het haar van het meisje is rood, knalrood. Ondertussen kleurt de hemel van blauw naar geel tot inktzwart. Morgen wordt vast weer een stralende dag...
Met dank aan O Serieux, Loraine Morris van het Dorset & New Forest Tourism Department en Jacqui Gisborne van Weymouth & Portland Borough Council
Ernaartoe
Genieten stapte in Calais op de ferry naar Dover met SeaFrance. De overtocht - een ervaring op zich - duurt ongeveer 1u15. Vanuit Dover is het nog ongeveer drie uur rijden naar Dorset. Een GPS is vrij noodzakelijk om niet te zeggen onontbeerlijk.
Info & uurregelingen: www.seafrance.com
Overnachten
The Manor, Salisbury Road, Burton, nr Christchurch BH23 7JG. Tel. +44 1202 477189. www.themanorchristchurch.co.uk
Beggars Knap, Weymouth Avenue 2, Dorchester DT1 1QS. Tel.: +44 1305 268191. www.beggarsknap.co.uk
Eastney Hotel, Longfield Road 15, Rodwell, Weymouth DT4 8RQ. Tel.: +44 1305 771682. www.eastneyhotel.co.uk
Varia
Food & Wine Festival Christchurch: www.christchurchfoodfest.co.uk
Exbury Gardens: www.exbury.co.uk
Kingston Lacey, Cerne Abbas Giant: www.nationaltrust.org.uk
Weymouth: www.weymouth.gov.uk
Roadbooks
Great Britain, Eyewitness Travel
The AA Best Drives, Britain, 30 car tours for the independent traveller.
Meer weten?
DNF Office, Dorset Tourism, County Hall, Dorchester DT1 1XJ, Groot-Brittannië. tourism@dorset-cc.gov.uk, www.dorsetnewforest.com
Schrijf nu in voor onze nieuwsbrief