Stel je voor dat je net als in 'Easy Rider' door het prachtige, versteende landschap rijdt, in het deel van Amerika dat op ieders netvlies gebrand staat. Het kan, tijdens een Harley Davidson Tour. Hierna het verslag van een eenzame trip, met vaak als enige reisgezellen de warme, overdonderende altijd aanwezige rotsen.
Tekst & foto's: Patrick Grauwels
Dag 1. “Get your Kicks on Route 66”
Motor: contact. Altijd met een volle tank starten. We nemen de weg naar het westen, langs Flamingo Boulevard tot die de 515 kruist. Ik kan Las Vegas niet snel genoeg verlaten, want ik heb mijn buik vol van de geldkoorts. Na een goeie twintig mijl voert de 95 ons in rechte lijn de nu al hete woestijn in. Als ik in Laughlin de Colorado River oversteek, laat ik de casino's definitief achter me en ben ik in Arizona. Op weg naar Oatman, met zijn nonchalante burros stop ik in een - letterlijk - met dollars behangen bar met een nasale countryzanger.
Route 66 is bijna de enige weg in deze ghosttown die geprangd zit tussen de Black Mountains. Dit slingerende deel van de beroemde weg is geen jota veranderd sinds de jaren '30, toen migranten uit het oosten liever niet de bergen overtrokken en voor $3,50 hun huifkar naar de top lieten slepen. Vandaar gaat het bergaf naar Kingman. Hier tussen de ruïnes draaide Jean-Claude Van Damme in 1992 scènes uit 'Universal Soldier' die niemand zich herinnert. Van Kingman naar Seligman op spiegelend asfalt is een waar plezier, zelfs al is Hackberry Trading Post lang niet zo authentiek als Robert Waldmire ze tekende in de beelden die hij zo vaak schetste van de Route 66.
Van hier gaat het naar de kapper Angel Delgadillo in Seligman, waar in 1968 verschillende scènes van 'Easy Rider' werden opgenomen. Hoewel de film op zich sterk verouderd overkomt, hangt hier nog steeds de mythe van de mens op zoek naar vrijheid in een ongerepte natuur, waar je ondanks alles toch botst met ongeschreven regels en codes. Na Seligman kan ik nog 44 miles lang namijmeren over de spreuk van de dag: “Als je aan de top van de berg bent gekomen, blijf dan klimmen." Een Tibetaans spreekwoord dat door mijn hoofd blijft spoken tot ik aankom in Williams, het basiskamp van de Grand Canyon.
Dag 2. “De Grote Show”
Breakfast in Old Smokey’s restaurant zoals je alleen maar in je dromen tegenkomt. Met een te volle maag klim ik op mijn Harley-Davidson. 56 rechte miles brengen me naar de Grand Canyon (400 km lang, 1,5 à 30 km breed, en op sommige plaatsen tot 1600 m diep). De grootste canyon ter wereld, een adembenemend natuurwonder. Het mooiste uitzicht heb je vanaf Grandview, Moran Point en Desert View. Diep onder de indruk rijden we verder, 32 fantastische mijlen richting Cameron en het Navajo reservaat.
Links ligt de Trading Post, een souvenirsupermarkt waar hier en daar heel wat moois tussen ligt en een restaurant dat behoorlijk eten serveert. Daarna wordt alles vrij rudimentair. In Tuba City, en wat later Kayenta, is niks te zien. Dat 'niks' was juist wat Tony Hillerman aantrok. Hij voert in zijn Navajo thrillers geesten en legendes op die hij in deze streek – die twee keer zo groot is als heel België - verzamelde. Hier, op 64 000 stoffige km² leven 200.000 Navajo en Hopi indianen, geconcentreerd in het centrum van het reservaat. De Navajo's zijn gekant tegen de casino's en speelzalen. De uraniummijnen en het toerisme zijn voldoende voor een zekere materiële welvaart, hoewel stromend water een zeldzame luxe is in de hogans (traditionele huizen) en de vaste stacaravans die langs de rode zandpistes staan. Alleen, stoïcijns, immobiel. De Navajo's zijn over het algemeen arm. Er heerst een hoge werkloosheid, alcoholmisbruik eist zijn tol. Lees Hillerman, die tekent het beeld op een indringende wijze. We komen aan een kruispunt: er is zelfs een stoplicht in Kayenta, met ernaast een pompstation. Slechte koffie, plasstop, dat is het leven on the road. Ik neem de 163 naar links. 23 schitterende mijlen naar Monument Valley, de heilige grond voor de Navajo's, waar Harry Goulding zich in 1923 vestigde en begin jaren '30 zijn Trading Post opende ten noorden van Oljato Mesa. In 1939 kwam hij op de een of andere manier te weten dat Hollywood een plek zocht voor een western. Hij vroeg fotograaf Josef Muench een serie kunstfoto's te maken van de mooiste rotsen van Monument Valley, waarna hij naar Tinseltown vertrok en de foto's toonde aan regisseur John Ford. Die kende de plek al uit de stomme film van George Seitz, 'The Vanishing America'. Ford besloot ter plekke om de film 'The Stagecoach' daar te draaien, op zijn 43ste en met een budget van $ 500 000. Het was het begin van de carrière van Marion Michael Morrison, beter bekend als John Wayne, tot dan een B-film acteur. Hij krijgt de rol van Ringo Kid. Ford draait daarna nog negen films in Monument Valley, waaronder de klassieker 'The Searchers'. Wayne vertolkte de rol van de ongelukkige Ethan Edwards, op zoek naar zijn door de indianen ontvoerde nicht (Natalie Wood). De slotscène is een van de mooiste in de filmgeschiedenis.
Sinds de komst van Hollywood is Monument Valley een bron van inkomsten voor de hele Navajo natie, met meer dan een miljoen bezoekers per jaar. Onlangs werd er opnieuw een kaskraker gedraaid door John Woo, 'Windtalkers'. Die film gaat over een weinig bekend feit uit de Tweede Wereldoorlog, toen Navajo's in de Stille Zuidzee werden ingezet als communicatieofficieren omdat ze dankzij hun indianentaal gegevens konden doorgeven zonder dat de Japanners die konden begrijpen. Mexican Hat, bekend uit al deze films ligt 25 miles verder. Op dit stuk weg besliste Forrest Gump dat hij genoeg gelopen had. Op de de brug over de San Juan River verlaat ik het Navajo-reservaat terwijl ik schreeuw: "Life is short, but very wide", een quote uit 'The Road Home' van schrijver Jim Harrison).
Dag 3. “Canyons Cavalcade”
Al vroeg klim ik weer op mijn bike et volg de 316 naar Goosenecks. Al vlug genieten we van een spectaculair uitzicht op de kronkels die de San Juan River door de eeuwen heen uitdiepte. Acht mijl klimmen op losse steentjes naar de Mokee Dugway, een stuk weg dat in 1958 door de Texas Zinc Co werd uitgegraven om het uranium van de 'Happy Jack' mijn in Fry Canyon naar de opslagplaats in Mexican Hat te brengen. Het boek 'The Monkey Wrench Gang' van Edward Abbey, een van de Amerikaanse pioniers inzake milieu én een goede vriend van Robert Redford, speelt zich in deze streek af. In het werk gaat de auteur tekeer tegen de dammenbouwers uit de zestiger jaren. De vrienden van Abbey hebben hem hier ergens begraven, maar tijdens de 37 mijl naar Lake Powell kan ik niet echt vinden waar. Het landschap is prachtig. Het niveau van het meer dat ontstond door de bouw van de Glen Dam over de Colorado River, blijft dalen. De plek is een ecologisch twistpunt en het is de vraag of we een van de grootste kunstmeren ter wereld (300 km lang, 655 km², 3380 km oevers) moeten houden of niet. De dam die in 1964 werd aangelegd, zette de prachtige Glen Canyon onder water. Hiermee verdween meteen ook Robbers' Roost, de schuilplaats van de twee helden uit deze streek, Butch Cassidy en de Sundance Kid. Ik zie de beelden nog voor me: Redford, Newman, zorgeloos op hun bike… Misschien moet ik de film nog eens bekijken.
Voor het donker wordt, kom ik aan in Moab, na een rit langs de ravijn die de Colorado River in dit landschap uitsleet. In de diepte blinkt de verraderlijk kalm aandoende rivier en aan de horizon gloort een onvergetelijke zonsondergang. Moab is een oud mijnstadje (het uranium van de atoombom kwam hier vandaan) dat nu door de Mormonen wordt bevolkt, 5000 zielen die zich nu hebben toegelegd op mountainbiking en verhoogde jeeps. Er zijn zelfs drie bars.
Dag 4. “Dream Road, part one”
De zon staat al hoog als ik me eindelijk in het zadel hijs (we hebben alle drie de bars bezocht). We nemen de 191 naar het noorden en Arches Park. Spielberg draaide de openingsscène van 'Indiana Jones and the Temple de Doom' onder Double Arch. Hij had de keuze uit meer dan 200 natuurlijke bogen, waarvan 90 grote. Maar er is ook het Potash Trail, in Canyonlands, dat naar de ravijn leidt waar Thelma en Louise aan het einde van de film van Ridley Scott induiken. Filosoferend over vrijheid komen we aan in Hanksville waar ik me toe goed doe aan een sappige hamburger. Dan de 24 naar links, richting Capitol Reef.
Het eerste deel van dit stuk, voor we aankomen op Sleepy Hollow Campground, is een aaneenrijging van zwarte rotsen die doen denken aan de hoofden van versteende apen. Capitol Reef is een 300 m en 32 km lange hoge kam van rotsen boven de Fremont River. De kleurrijke rotslagen zijn gevormd door sedimenten die zich zo'n 250 miljoen jaar geleden op de boden van de zee afzetten. Nog 49 mijl te gaan voor we in Torrey zijn, maar wat een landschap. Het motel waar we die avond slapen, ligt een beetje hoger op een uitstekende rots. Ik bewonder de panoramische zonsondergang, terwijl ik mediteer over de diepzinnige uitspraak van Jim Harrison: “Short things are short all over and long things are long all over”...
Dag 5. “Dream Road, part two”
Niet vergeten de tank vol te gooien. Voor dit stuk kun je beter vroeg vertrekken, vandaar dat we om half acht al fris achter het stuur zitten. We krijgen de raad om op te passen voor herten en reeën, maar komen er geen een tegen. Langzaam maar zeker klimmen we hoger en hoger, tot we in Aspen aankomen. 3000 m boven de zeespiegel. Hier is het koud vergeleken met wat we de dagen daarvoor meemaakten. In Boulder met zijn twaalf huizen eet ik een stuk apple pie dat ik doorspoel met voor een keer drinkbare koffie in de Trading Post, die goed zichtbaar ligt in de enige (scherpe!) bocht van het dorp. Dan volgen 27 prachtige mijlen naar Escalante Stairs, een nog ongerepte en uitgestrekte natuurzone met het groen van de bomen en mesa's, doorspekt met kleurrijke rotswanden en diepe ravijnen. Wat een grootsheid, wat een isolement: hier wonen even weinig mensen als in Alaska. De scenic road 12 brengt ons naar Bryce Canyon waar erosie de rotspartijen in kleuren van pastelroze tot dieprood heeft gepolijst tot prachtige rondingen en kaarsen (de bekende hoodoos). Voor een keer stappen we af om de korte maar steile Navajo Trail te volgen. De laatste 60 mijlen tot Kanab zijn zo prachtig dat we niks meer kunnen zeggen. De tongen komen weer los in Rocking V Cafe, waar we genieten van het lekkere eten en de ontspannen sfeer. Ik lees in 'Just before Dark', alweer van Jim Harrisson. “Je weet niks als je nooit route 2 genomen hebt, door de Sandhills van Nebraska, zullen ze je aan het eind van de avond zeggen. Of route 191 in Montana, de 35 Wisconsin, de 90 in het westen van Texas, de 28 in het noordelijk deel van het schiereiland in Michigan, de 120 in Wyoming, de 62 in Arkansas, de 83 in Kansas, de 14 in Louisiana, denk ik, nadat we het erover eens waren geworden dat de 2 in Nebraska een van mijn lievelingsroutes is.” Hij is de 12 in Utah vergeten. Dat ben ik hem vergeten te zeggen toen ik de schrijver toevallig in St. Malo tijdens een literair evenement tegen het lijf liep.
Dag 6. “Rocks & Games”
De laatste dag. Ik zal het missen. Al vroeg in de ochtend zien we vanaf de 9 naar Zion National park enkele bizons. In 1880 verkondigde wetenschapper Clarence Dutton: “Niets is mooier dan Zion. Het is van afmeting vergelijkbaar met Yosemite, maar de gebeeldhouwde rotsen overtreffen alles. De vormen stimuleren de verbeelding door hun eigen kracht en roepen een stralend antwoord op in de geest.” We verlaten het park langs Springdale, een dorpje van 350 zielen met enkele lunchrooms en fruitbars. De 9 kronkelt verder langs Grafton, een ghost town waar 'Butch Cassidy and the Sundance Kid' gedraaid werd (wie was ook weer Butch, en wie Sundance?). Op de terugweg moeten we verplicht de Highway 15 op. Maar net voor de oprit is er een Harley-Davidson dealer. De groep gaat volledig uit de bol en koopt zowat heel de boetiek leeg. Nog 9 miles naar St George, dan een stoer stuk van 29 miles langs de ravijn van de Virgin River in Arizona. We zijn weer in Nevada, waar het een uur vroeger is door de verschillende tijdszone. We verlaten de snelweg voor de 169 richting Lake Mead, Valley of Fire en Overton, dwars door een verlaten maanlandschap. Las Vegas is nog ver, en dat is maar goed ook: David Herbert Lawrence had gelijk: “Life is ours to be spent, not to be saved.”
De Canyon Route, net als de Stars Route (Californië), of de Bikers Route(Wyoiming, Montana, Dakota), de Cowboy Route (Colorado, Nouveau-Mexique) zijn te vinden op www.westernroads.us onder: Harley Davidson